In Fotobewerking, Fotografie tips

In Deel II van Adobe ACR komen de volgende onderdelen aan bod: De Filmstrip, de Werkbalk het Aanpassingsvenster en de overige iconen in het Raw-venster.

De interface:
interface-camera-RAW

Filmstrip: geeft met een miniatuur aan welke afbeeldingen er zijn geopend in ACR. Voor Batch- , Panorama- en HDR verwerking zijn dit meerdere.

Als je een enkele afbeelding opent in ACR is de filmstrip niet zichtbaar.

De blauwe rand rondom de miniatuur in de filmstrip geeft aan welke afbeelding actief is en in het voorbeeldvenster getoond wordt.
Als je meerdere miniaturen hebt in de filmstrip en je wilt ze wat groter zien kun je op de rand gaan hangen van de filmstrip en groter slepen met de dubbele pijl.

Formaat Filmstrip

Verwijderen van een afbeelding kan door de miniatuur te selecteren in de filmstrip en op de knop Delete te drukken.

Alleen als je meerdere afbeeldingen tegelijk opent in ACR krijg je de prullenbak als extra icoon in de werkbalk en kun je daarop klikken. De afbeelding wordt dan verwijderd naar de prullenbak van je computer (weg is echt weg dus!) zodra de andere worden opgeslagen of worden geopend in Photoshop.

Filmstrip prullenbak

Rechtsbovenin de filmstrip bevindt zich een uitrolmenu. Als je een miniatuur in de filmstrip selecteert en dan met de rechtermuisknop erop klikt, opent het menu ook.

Menu filmstrip:
Menu filmstrip

 

Selecteren van alle afbeeldingen kan door op de bovenste miniatuur te klikken, +Shift en dan de laatste indrukken of met de sneltoetscombinatie Ctrl+A. Als je nu bewerkingen maakt aan de eerst geselecteerde, worden de bewerkingen ook op de andere toegepast.

Opnames die je een sterrenwaardering hebt gegeven (geclassificeerd), kun je deze met Ctrl+Alt+A allemaal selecteren. Je hebt dat classificeren misschien in (mini)Bridge gedaan, maar je kunt dat ook in ACR doen als er meerdere opnames in de filmstrip staan en dat doe je met Ctrl+1, Ctrl+2, Ctrl+3, Ctrl+4 of Ctrl+5, het cijfer staat dan voor het aantal sterren.

Instellingen synchroniseren: afbeeldingen aanklikken die je wilt synchroniseren met + Ctrl of bovenste +Shift en de laatste. Er opent een vervolgvenster waarin je kunt aanvinken welke bewerkingen gesynchroniseerd moeten worden.

Venster Synchroniseren

Samenvoegen tot HDR (High Dynamic Range = Hoog Dynamisch Bereik):
Een HDR wordt gemaakt met ten minste 3 verschillende belichtingsopnames.

Samenvoegen tot HDR

Selecteren van alle afbeeldingen en in het uitrolmenu kiezen voor Samenvoegen tot HDR of Sneltoetscombinatie Alt+M.

In het vervolg venster kun je aanvinken of afbeeldingen moeten worden uitgelijnd, automatisch de toning moet worden aangepast en of schimmen moeten worden verwijderd en zo ja in welke mate.

Selecteer Schimmen verwijderen als er op afbeeldingen bijvoorbeeld langsrijdende auto’s, voorbij lopende mensen staan, of beweging door wind op de afbeeldingen te verwachten is. Indien aangevinkt kan met een masker zichtbaar worden gemaakt waar de schimmen worden verwijderd. Vervolgens klik je op Samenvoegen.

De *DNG opent na opslaan als een extra miniatuur in ACR en dan kun je eventueel (nogmaals) aanpassingen doen.

Voorvertoning HDR

Je kunt in ACR zien dat het een HDR opname is door de belichtingsschuif naar rechts en links te schuiven. Als deze aanpasbaar is tot -10 of + 10 is het een HDR.
Een normaal RAW bestand van een enkele opname is aanpasbaar tot -5 of + 5.
Zo is gelijk zichtbaar gemaakt dat het dynamisch bereik van een HDR groter is.

Belichting

Tip: Als je de afbeeldingen met verschillende belichtingen opent vanuit Photoshop > Bestand > Automatisch > Samenvoegen tot HDR Pro of bewerkt vanuit LightRoom in de Ontwikkel module > Rechtsklik > Bewerken in > Samenvoegen tot HDR Pro in Photoshop of vanuit Bridge > Extra > Photoshop > Samenvoegen tot HDR Pro , kun je voor 32 bits HDR verwerking kiezen. Omdat je eerst aanpassingen doet in ACR, heb je optimaal gebruik kunnen maken van het dynamische bereik van 32bits. Voordeel is bijvoorbeeld dat je bij het opentrekken van de schaduwen veel minder last zult hebben van ruis. Na aanpassingen in ACR opslaan als TIFF.

Samenvoegen tot HDR 32 bits

Als je in dit scherm kiest voor 8 of 16 bits staan je andere opties ter beschikking.

HDR 8 of 16 bits

Uitrolmenu:
Voorinstelling laden, Voorinstelling opslaan, Huidige voorinstelling verwijderen:
(Optioneel) Kies Voorinstelling > Voorinstelling opslaan om de instellingen voor kleurtonen op te slaan voor toekomstig gebruik. Kies Voorinstelling laden als je de instellingen later opnieuw wilt toepassen.

Uitrolmenu:
Cameraresponscurven opslaan of laden
Responscurven vertegenwoordigen de manier waarop camerasensors de verschillende inkomende lichtniveaus interpreteren. Standaard wordt in het dialoogvenster Samenvoegen tot HDR Pro automatisch een cameraresponscurve berekend op basis van het toonbereik van de afbeeldingen die je samenvoegt. Je kunt de actuele responscurve opslaan en deze later toepassen op een andere groep samengevoegde afbeeldingen.

Klik rechtsboven in het dialoogvenster Samenvoegen tot HDR Pro op het responscurvemenu en kies Responscurve opslaan. (Kies Responscurve laden om de curve later weer opnieuw toe te passen.)

Voorinstelling:
Er staan je verschillende voorinstellingen ter beschikking. Experimenteer!

Schimmen verwijderen
Selecteer Schimmen verwijderen als er op afbeeldingen bijvoorbeeld langsrijdende auto’s, voorbij lopende mensen staan, of beweging door wind op de afbeeldingen te verwachten is. Indien aangevinkt kan met een masker zichtbaar worden gemaakt waar de schimmen worden verwijderd (pas op voor het introduceren van ruis).

Converteer methode:
Lokale aanpassing:
hiermee pas je de HDR-tinten aan door de lokale helderheidsgebieden in de hele afbeelding aan te passen.

Histogram egaliseren: hiermee wordt het dynamische bereik van de HDR-afbeelding gecomprimeerd, terwijl tegelijkertijd getracht wordt enig contrast te behouden. Er zijn geen verdere aanpassingen nodig; deze methode verloopt automatisch.

Belichting en gamma: hiermee kun je handmatig de helderheid en het contrast van de HDR-afbeelding aanpassen. Verplaats de schuifregelaar Belichting om de versterking aan te passen en de schuifregelaar Gamma om het contrast aan te passen.

Hooglichtcompressie: hiermee comprimeer je de hooglichtwaarden in de HDR-afbeelding, zodat deze binnen het luminantiewaardenbereik vallen van het afbeeldingsbestand met 8 of 16 bits per kanaal. Er zijn geen verdere aanpassingen nodig; deze methode verloopt automatisch.

Randgloed:
Straal: bepaalt de omvang van lokale helderheidsgebieden.

Sterkte: hiermee kun je opgeven hoe ver de toonwaarden van twee pixels uit elkaar moeten liggen, voordat ze niet langer deel uitmaken van hetzelfde helderheidsgebied.

Vloeiende rand: Rand contrast.

Kleurtoon en details:
Gamma: het dynamische bereik wordt gemaximaliseerd bij een Gamma-instelling van 1,0. Bij een lagere instelling komt de nadruk op middentonen te liggen, terwijl bij een hogere instelling meer nadruk op hooglichten en schaduwen ligt.

Belichting: belichtingswaarden weerspiegelen f-stops

Details: sleep de schuifregelaar om de scherpte aan te passen

Geavanceerd:
Schaduw: sleep de schuifregelaar om de donkere gebieden lichter te maken

Hooglicht: sleep de schuifregelaar om de lichte gebieden donkerder te maken

Levendigheid: hiermee pas je de intensiteit van subtiele kleuren aan, terwijl bijzonder verzadigde kleuren zo weinig mogelijk worden bijgeknipt.

Verzadiging: hiermee pas je de intensiteit van alle kleuren aan, van –100 (monochroom) tot +100 (dubbele verzadiging).

Samenvoegen tot Panorama:
Selecteren van alle afbeeldingen en in het uitrolmenu kiezen voor Samenvoegen tot Panorama of Sneltoetscombinatie Ctrl +M.
Terwijl je de voorvertoning van het panorama weergeeft kun je Automatisch uitsnijden selecteren om ongewenste gebieden met transparantie te verwijderen uit de samengevoegde afbeelding. Je kunt ook de juiste lay-outprojectie voor het panorama kiezen: Bolvormig, Perspectief of Cilindrisch.

Bolvormig: hiermee worden de afbeeldingen uitgelijnd en getransformeerd alsof het om de binnenkant van een bol gaat. Deze projectiemodus is geschikt voor zeer brede panorama’s of panorama’s van meerdere rijen.

Perspectief: projecteert het panorama alsof het om een plat oppervlak gaat. Omdat in deze modus rechte lijnen recht blijven, is deze modus zeer geschikt voor architectuurfoto’s. Zeer brede panorama’s werken mogelijk niet zo goed in deze modus vanwege de excessieve vervorming nabij de randen van het resulterende panorama.

Cilindrisch: projecteert het panorama alsof het om de binnenkant van een cilinder gaat. Deze projectiemodus werkt zeer goed voor brede panorama’s, maar ook verticale lijnen blijven recht.

Panorama samenvoegen

Met de schuifregelaar voor Grens verdraaien (0-100) kun je panorama’s verdraaien om het canvas te vullen. Gebruik deze instelling om afbeeldingsinhoud bij de grens van de samengevoegde afbeelding te behouden die anders verloren kan gaan vanwege uitsnijden. Vervolgens klik je op samenvoegen. De panorama afbeelding opent als miniatuur in de filmstrip van ACR en daar kun je verdere aanpassingen doen.

De Werkbalk:

De Werkbalk

 

Zoomen (Sneltoets Z):
Zoom gereedschap

Het zoom gereedschap gebruik je om de afbeelding beter te bekijken. Op de plek waar je met de linkermuisknop klikt (en sleept), zoom je in. Om weer uit te zoomen Alt + klik. Wanneer de GPU is ingeschakeld (in Menu Photoshop onder Bewerken [Edit] > Voorkeuren [Preferences] > Prestaties [Performance]) kun je snel over een afbeelding navigeren ongeacht welk gereedschap is geselecteerd. Houd de toets H ingedrukt en klik en sleep om de positie van de zoomrechthoek in te stellen. Laat de muisknop los. Er wordt ingezoomd op het gebied naar keuze.
Je kunt ook gebruik maken van het min en plus teken in de linkerbenedenhoek van het ACR-scherm.
Het percentage geeft de mate van zoom aan.
Om beeldvullend in te zoomen: Ctrl+0
Om op 100% te bekijken: Ctrl+Alt+0 of dubbelklikken op het zoom gereedschap.
In volledige schermmodus (Full Screen) toets F. Opnieuw F intoetsen om terug te keren.

Als je met rechts op een afbeelding klikt wordt een uitrolmenu zichtbaar en kun je het zoompercentage aanpassen. Het uitrolmenu kun je ook oproepen via het hoekje naast het percentage in de linkerbenedenhoek van de onderste balk.

Zoompercentage

Handje (Sneltoets H):
Als de afbeelding groter wordt weergegeven dan het venster kun je met het handje navigeren door de afbeelding.

Witbalans (Sneltoets I):
Als je met het pipet een wit of neutraal grijs gebied in de afbeelding aanklikt verandert de witbalans op basis van die selectie. Op deze wijze kun je snel een kleurzweem neutraliseren.
De schuifjes van de witbalans aan de rechterkant van het ACR-scherm verschuiven mee (over het standaard aanpassingsvenster meer in deel III van deze uitleg).

Witbalans schuifjes

Kleurenpipet (Sneltoets S):
Met dit gereedschap kun je de RGB-gebieden (Kleurwaarden) in de afbeelding vinden.
Deze waarden veranderen als je de toon en kleur van de afbeelding corrigeert.
De numerieke waarden worden onder het gereedschap in het ACR-scherm weergegeven.
Je kunt maximaal 10 kleurmonsters nemen. Alle pipetten wissen doe je met de desbetreffende knop.
Om één markering te wissen Klik +Alt op de desbetreffende markering. De muisaanwijzer verandert dan in een schaartje. De nummering van de markeringen verandert mee.
Ongeacht welk gereedschap is geselecteerd, de muisaanwijzer toont altijd de kleurwaarden van de pixel waarop het zich bevindt onderin het Histogram.

RGB-punten

Betreffend aanpassingsgereedschap (Sneltoets T):
Een wat mij betreft ongelukkig en nietszeggend gekozen vertaling van het Engelse Targeted adjustment tool. (Doel)gericht aanpassingsgereedschap vertelt beter wat het doet.

Met dit gereedschap selecteer je met een klik één pixel in de afbeelding en kun je de waarden veranderen terwijl je met de linkermuisknop ingedrukt naar links en rechts of naar boven en naar beneden sleept. Als je met rechts klikt op de afbeelding heb je keuze uit verschillende functies in een uitrolmenu:

Opties gericht aanpassingsgereedschap

Wanneer Parametrische curve is geselecteerd en je klikt op een donkere pixel en sleept met de muis zullen de donkere gebieden van je afbeelding drastisch veranderen, terwijl de lichtere gebieden niet zo veel veranderen. Hetzelfde geldt als je een middentoon of een lichter gebied aanklikt, deze gebieden worden dan meer dan de andere gebieden beïnvloed. De wijzigingen worden ook zichtbaar in het histogram (over het histogram meer in deel III van deze uitleg).

Aanpassingsgereedschap

De keuze van een optie in het uitrolmenu heeft betrekking op een instellingstabblad in het standaard aanpassingsvenster aan de rechterkant van het ACR-scherm. Over Tabbladen aanpassen afbeeldingen meer in deel III van deze uitleg.

Uitsnijden (sneltoets C):
Klik en sleep over het gebied dat je wilt uitsnijden. Je kunt het kader groter of kleiner maken door met één van de hoeken te slepen, er verschijnt een diagonale dubbele pijl. Met + Shift blijven verhoudingen behouden. Als je de afbeelding ook gelijk wilt rechtzetten “op het oog” kun je dat doen door buiten het kader met de linkermuisknop op de kleine dubbele gebogen pijl, die in de hoek verschijnt, te slepen.

Rechtzetten

Toets Enter om te bevestigen. De afgesneden pixels worden weer zichtbaar en bewerkbaar als je nogmaals op het gereedschap Uitsnijden klikt. In het RAW bestand zelf blijven alle pixels behouden. Als het uitsnijdgereedschap is geselecteerd kun je met rechtsklik op de afbeelding het uitrolmenu oproepen.

Uitrolmenu uitsnijdgereedschap

Als je kiest voor Bedekking tonen, zie je een Overlay in de Regel van derden (Een compositie regel, waarbij je onderwerpen, waarvan je wilt dat die bij de kijker opvallen, op een snijpunt kunt leggen/dusdanig uitsnijden).

Wanneer je kiest voor Eigen… kun je in een vervolgvenster zelf een verhouding invullen.

Aangepast uitsnijden

Je kunt de uitsnede wissen door “Uitsnijden Wissen” te selecteren in het uitrolmenu.

Rechttrekken (Sneltoets A):
Met het gereedschap rechttrekken kun je een horizontale of verticale lijn rechtzetten. Je kunt op deze manier bijvoorbeeld een horizon rechtzetten. Klik en sleep het gereedschap als een rechte horizontale lijn over (een deel van) de gewenste horizon. Wanneer je de muisknop loslaat roteert de afbeelding automatisch conform de rechtgetrokken horizon en wordt bijgesneden met de instellingen die in het gereedschap “Uitsnijden” aangevinkt staan.

Rechttrekken met liniaal

Vlekken verwijderen (Sneltoets B):
Met dit gereedschap kun je in ACR bijvoorbeeld sensorvlekjes verwijderen door te klikken of te slepen.
Je kunt in het venster Vlekken verwijderen aan de rechterkant van het ACR-scherm kiezen uit het Type: Retoucheren of Klonen. Daar kun je ook de grootte, doezelaar en dekking door middel van een schuifje aanpassen.
Een rood-wit selectiekader (rode handgreep) geeft de selectie aan. Een groen-wit selectiekader (groene handgreep) geeft het gebied aan waaruit een monster wordt genomen.
Retoucheren gebruikt de structuur, de belichting en de schaduwen van het monstergebied en plaatst dat in het geselecteerde gebied.
Klonen past het monstergebied van de afbeelding (een exacte kopie) toe op het geselecteerde gebied.
De grootte van het gereedschap kun je met de schuifregelaar aanpassen of met de beugeltoetsen (naast de P) op het toetsenbord, maar ook door met ingedrukte rechtermuisknop te slepen.
Als je meerdere keren het gereedschap gebruikt op een afbeelding, zijn de eerder gemaakte cirkels niet gekleurd en derhalve niet actief.
De dekking kun je eventueel aanpassen op actieve cirkels.
De ruimte tussen de binnenste cirkel en de blauwe rand is de mate van doezelen (hardheid verloopt). Je kunt de mate van doezelen regelen met het schuifje, maar ook door te slepen met de rechtermuisknop + Shift.
Als je vlekken visualiseren aanvinkt kun je op een zwart/wit contrastrijke weergave goed de sensorvlekjes lokaliseren; eventueel door te wisselen met aan- en uitvinken van de knop.
Als je bedekking tonen aanvinkt kun je de zichtbaarheid van het gereedschap inschakelen. Door de optie uit te schakelen kun je beter zien of de vlek goed is verwijderd.
Als het gebruikte gereedschap zichtbaar is (de cirkels), kun je met de muis op de rand van een cirkel gaan hangen. Als je nu een dubbele pijl ziet kun je de grootte van het gereedschap wijzigen door met ingedrukte linker muisknop te slepen. Als je met de muis binnenin boven een cirkel gaat hangen zie je het verplaatsen gereedschap en kun je de cirkel nog verplaatsen met ingedrukte linker muisknop (ACR kiest namelijk zelf automatisch een gebied om een monster van te nemen en dat is niet altijd de beste plek).
Het gereedschap is minder uitgebreid dan de diverse retoucheergereedschappen die je ter beschikking staan in Photoshop, maar voor eenvoudige klussen voldoet het prima.

Het gereedschap is wel zeer geschikt voor het verwijderen van glimmende plekken of verminderen van rimpels in portretten in de stand Retoucheren. Daarna verminder je de dekking door de schuif naar links te trekken.

Retoucheren

Tip: Als je het gereedschap gebruikt voor het verwijderen van sensorvlekjes dan komen die vaker op dezelfde locatie op je afbeeldingen voor en kun je deze reeks afbeeldingen tegelijk in ACR inladen en de bewerking in de filmstrip synchroniseren en in het venster synchroniseren alleen Vlekken verwijderen aanvinken .

Vlekken verwijderen

Rode ogen verwijderen (Sneltoets E):
Je kunt kiezen uit het Type: Rode ogen of Dieren ogen in het venster dat aan de rechterkant verschijnt in het ACR-scherm.
Sleep met het gereedschap een rechthoek dat iets groter is dan het oog.
Vink onderin de optie Bedekking tonen uit, zodat je goed het resultaat kunt beoordelen.
Afhankelijk van de grote van de pupil of hoe donker je de pupil wilt, versleep je de schuif.

Rode ogen verwijderen

Om een rechthoek te verwijderen klik + backspace of + delete toets op je toetsenbord.
Om alles te wissen klik je rechts onderaan in het venster Rode ogen verwijderen op de knop Alles wissen.

Aanpassingspenseel (sneltoets K):
Met dit gereedschap maak je globale lokale aanpassingen op slechts één gebied van je afbeelding.
De aanpassingen die je doet zijn intuïtief. Daarnaast is een nadeel dat je meerdere (ook tegenstrijdige) aanpassingen kunt doen op dezelfde pixels en loop je het risico dat de bewerkingen elkaar overlappen en daardoor mogelijk niet het gewenste resultaat heeft. In Photoshop zelf kun je met verschillende selectiegereedschappen en aanpassingslagen veel gerichter en exacter aanpassingen doen op lagen of kanalen.

Als je het Aanpassingspenseel aanklikt opent aan de rechterkant van het ACR-scherm het venster Aanpassingspenseel. Het is bijna gelijk aan het Standaard aanpassingsvenster van ACR (welke in deel III verder wordt uitgelegd). Alleen Levendigheid ontbreekt in het Aanpassingsvenster.

Aanpassingspenseel

ACR maakt van de aanpassingen die je maakt met het Aanpassingspenseel een masker, vergelijkbaar met een aanpassingslaag in Photoshop. De aanpassing wordt bij de eerste penseelstreek gemarkeerd door een speldpictogram. De zichtbaarheid van de speldpictogrammen kun je aan- of uitvinken bij Bedekken (Sneltoets V). Je kunt op één speldpictogram (dus voor hetzelfde gebied) meerdere aanpassingen doen. + Shift maakt een aanpassing in een rechte lijn. Het masker zelf kun je zichtbaar maken of niet en je kunt het iedere gewenste kleur of dekking geven in het vervolgvenster de Kleurkiezer. Je kunt er voor kiezen om het masker te tonen op de Beïnvloede gebieden of op de Niet beïnvloede gebieden. Als je Autom. Maskering aanvinkt zoekt het masker naar randen en is het verstandig om bij nauwkeurige aanpassingen dit aan te vinken en bij grove aanpassingen uit (want het masker zoekt naar randen en vertraagt in dat laatste geval enigszins). Sneltoets Masker: Y.

Kleurkiezer

In het venster Aanpassingspenseel kun je kiezen voor Nieuw (Sneltoets N), Optellen en Wissen (Snel wissen: Alt + klik op penseel).
Voor iedere aanpassing (in een nieuw gebied) klik je op Nieuw en wordt er een nieuw speldpictogram geplaatst. Na de eerste penseelstreek verandert de optie in Optellen. Als je kiest voor Wissen kun je met het penseel een deel van het masker (de aanpassing) verwijderen.
Als een speldpictogram niet actief is (witte kop) dan kun je er met de muis boven gaan hangen om te zien welk gebied door die aanpassing beïnvloed wordt. En als je erop klikt kun je (in het venster Aanpassingspenseel) zien welke aanpassing je er mee hebt gedaan.
De penseelopties bepalen hoe een penseelstreek eruit ziet en zijn vergelijkbaar met opties die je kunt vinden in Photoshop. Je kunt de volgende opties toewijzen: Grootte, Doezelaar, Verloop en Dichtheid.
De grootte bepaalt de diameter van het penseeluiteinde. Het penseel verschijnt als een rondje omgeven door een gestippelde cirkel met een draadkruis in het midden. Het draadkruis (plusje) bepaalt het deel dat bewerkt wordt. Dit is vooral van belang als Autom. maskering aangevinkt is, omdat de randen worden gezocht. Je kunt de grootte van het penseel veranderen met de schuif of met de beugeltoetsen op je toetsenbord (naast de P), maar ook als het penseel is geselecteerd door met ingedrukte rechtermuisknop te slepen.
De doezelaar regelt de hardheid van de penseelstreek. Hoe hoger het getal, hoe zachter de rand. De rand van de dichte cirkel van het penseel geeft aan waar de doezelaar begint en de gestippelde cirkel rond de buitenkant van het penseel geeft de hoeveelheid aan. Je kunt de mate van doezelen ook regelen door te slepen met de rechtermuisknop + Shift.
Het verloop is vergelijkbaar met met de Vul in Photoshop en regelt de toepassingsgraad (hoeveelheid) voor de aanpassing.
De dichtheid is vergelijkbaar met de Dekking in Photoshop en bepaalt de mate van transparantie.

Als je Autom.maskering aanvinkt beperkt het maskeren zich tot penseelstreken van dezelfde kleur als het midden van het penseel en zoekt daardoor de randen van een onderwerp op.
Temperatuur: past de kleurtemperatuur van een gedeelte van de afbeelding aan om het warmer (schuif naar rechts) of kouder (schuif naar links) te maken.
Tint: corrigeert groene of rode kleurzweem in het geselecteerde gebied.
Belichting: past de hoeveelheid licht aan in het gebied dat je hebt geselecteerd. Als je een lokale belichtingscorrectie toepast, kunt je resultaten behalen die vergelijkbaar zijn met doordrukken en tegenhouden.
Contrast: past het contrast aan, vooral in de middentonen, van het geselecteerde gebied.
Hooglichten: herstelt details in overbelichte afbeeldingsgedeelten met hooglichten in het geselecteerde gebied.
Schaduwen: herstelt details in onderbelichten afbeeldingsgedeelten met schaduwen in het geselecteerde gebied. .
Witte tinten: past de witte punten in een afbeelding aan in het geselecteerde gebied.
Zwarte tinten: past de zwarte punten in een afbeelding aan in het geselecteerde gebied.
Lokaal cont.: past lokaal contrast toe om diepte toe te voegen aan het geselecteerde gebied.
Nevel verwijderen: versterkt of verzwakt de bestaande nevel in het geselecteerde gebied van een afbeelding.
Verzadiging: past de hoeveelheid kleur aan in het geselecteerde gebied.
Scherpte: verbetert de definitie van randen in het geselecteerde gebied, zodat details in een foto meer in het oog springen. Met een negatieve waarde worden details vager (en kun je bijvoorbeeld een vage achtergrond simuleren).
Ruisreductie: vermindert luminantieruis in het geselecteerde gebied.
Moiréreductie: vermindert willekeurige patronen die kunnen voorkomen als twee rasters
overlappen in het geselecteerde gebied. Bijvoorbeeld: een foto (pixels) van een gestreept overhemd veroorzaakt soms een moiré patroon.
Rand verwijderen: verwijdert kleuren langs de randen in het geselecteerde gebied.
Kleur: voegt een kleurtint toe aan het geselecteerde gebied. Om de kleur “uit”te zetten, klik op het kleuricoon en sleep de schuif van de verzadiging in de kleurenkiezer helemaal naar links.

Klik op het plusteken (+) of het minteken (-) om het effect met een vooringestelde waarde te versterken of te verzwakken. Klik meerdere keren om een sterkere aanpassing te kiezen. Je kunt er ook voor kiezen om een getal in te vullen. Dubbelklik op de schuifregelaar om het effect weer in te stellen op nul.

Je kunt de aanpassing helemaal verwijderen door met rechts op het speldpictogram te klikken en daarna Verwijderen te kiezen of door het speldpictogram aan te klikken en op Delete of Backspace te drukken.

Met de toetscombinatie Ctrl+Z kun je de laatste aanpassing ongedaan maken, met de toetscombinatie Ctrl+Alt+Z maak je meerdere stappen stapsgewijs ongedaan.

Gegradueerd filter (Sneltoets G):
Met dit gereedschap kun je geleidelijke aanpassingen doen op een gebied in de afbeelding. Je kunt bijvoorbeeld het traditionele Grijsverloop ND filter simuleren door de lucht van een afbeelding donkerder te maken. Dubbelklik op de Belichtingsschuif zodat de belichting uitkomt op -1.00. Klik het gegradueerd filter aan en trek met ingedrukte muis van boven naar beneden tot de plaats waar het filter moet stoppen. Het filter verloopt in sterkte. De groene punt geeft het begin aan, de rode het einde. Je kunt het filter in iedere richting slepen. Dus ook van onderen af of vanuit een hoek. Als je + Shift doet, trek je in een rechte lijn naar beneden. Je kunt de belichting desgewenst nog aanpassen.
Met een temperatuureffect van het gegradueerd filter kun je afbeeldingen verbeteren die zijn gemaakt bij variërende belichtingsomstandigheden of je kunt de kleur van het gebied aanpassen door op het kleuricoon te klikken en in de kleurenkiezer een kleur aan te klikken.
Als je de knop Nieuw aanklikt boven in het Aanpassingsvenster kun je desgewenst nog een gegradueerd filter maken. Je kan het hele verloop desgewenst verplaatsen door te klikken en te slepen op de zwarte gestreepte lijn die het rode en het groene cirkeltje verbindt.

Als er binnen het filter een onderwerp is dat uitgezonderd moet worden van de aanpassing kun je bovenaan het Aanpassingsvenster klikken op penseel. Hier kun je kiezen of het penseel het effect moet (toevoegen of moet) verwijderen. Net als bij het aanpassingspenseel kun je plaatselijk dezelfde aanpassingen uitvoeren als boven beschreven.

Penseel min

Je kunt gebruikte gegradueerd filters opslaan, zodat je ze later makkelijk opnieuw kan gebruiken.
Klik in het uitrolmenu rechtsboven in het venster gegradueerd filter en kies voor Nieuwe lokale correctie-instelling.

Opslaan correctie gegradueerd filter

In het vervolgvenster kun je de voorstelling opslaan met een unieke naam. De aanpassingsinstellingen van het gegradueerd filter worden nu opgeslagen, niet de plaats en/of de richting van het verloop.

Vervolgvenster nwe correctie voorinstelling

Je kunt later een bestaand gegradueerd filter inladen via hetzelfde uitrolmenu door de naam van het filter te selecteren. Naam wijzigen of verwijderen kan ook via hetzelfde uitrolmenu.

Radiaal filter (Sneltoets J):
Met het radiaal filter wordt een specifiek deel van de afbeelding belicht. Je kunt een radiaal filter gebruiken om de focus op de achtergrond af te zwakken, om de nadruk op een onderwerp te leggen, of meerdere radiaal filters gebruiken als je meerdere onderwerpen/gebieden wilt benadrukken.
Trek het radiaal filter met ingedrukte linkermuisknop op de afbeelding. + Shift maakt een cirkel.
Met de handgreepjes op de lijn kun je de randen verplaatsen. Binnenin het filter klikken en je kunt het gehele filter verplaatsen. Als je met de muis naast de lijn gaat hangen verschijnt er een dubbele gebogen pijl en kun je het filter met de linker muisknop ingedrukt verdraaien. Onderin het aanpassingsvenster kun je aangeven of het effect dat je wilt toepassen binnen of buiten het filter ligt (zie plaatje)
Met het filterpenseel (bovenin het aanpassingsvenster) kun je delen binnen het radiaal filter toevoegen aan de aanpassing of verwijderen van de aanpassing.
Net als bij de gegradueerd filters kun je ook de radiaal filters opslaan zodat je ze later makkelijk opnieuw kunt gebruiken. Zie voor werkwijze de uitleg hierboven bij gegradueerd filter.

Radiaal

ACR voorkeuren (Sneltoets Ctrl+K):

ACR voorkeuren

Hier kun je de voorkeuren instellen van ACR. Het venster is ook bereikbaar via het Menu van Photoshop > Bewerken [Edit] > Voorkeuren [Preferences] > Adobe Camera Raw [Adobe Camera Raw]. Voorkeuren moeten eigenlijk (eenmalig) worden ingesteld voordat je aan de slag gaat met het openen van Raw-bestanden.

Onder Algemeen kun je de wijze van Afbeeldingsinstellingen opslaan kiezen.
* Camera Raw database:
alle aanpassingen worden in een database op je harde schijf opgeslagen. De afbeelding behoudt de ACR-instellingen, zelfs als het Raw-afbeeldingsbestand wordt verplaatst of hernoemd. De database is niet beschikbaar als je het Raw-bestand verplaatst naar een andere computer.
* Secundaire “.xmp” bestanden:
voor elke foto wordt een extra bestand (*xmp) met alle aangebrachte correcties opgeslagen in dezelfde map als het ACR-bestand. Als je beide bestanden gezamenlijk transporteert naar een ander opslagmedium, blijven de aanpassingen leesbaar/bewerkbaar.
Het voordeel van de tweede methode is ook dat je alle correcties in een keer ongedaan kan maken door het *xmp bestand te verwijderen.

Bij Verscherpen toepassen op: kun je kiezen uit:
* Alle afbeeldingen: er wordt een standaardverscherping toegepast om de schermweergave te verbeteren, zowel op de originele bestanden als op de voorvertoningen.
* Alleen voorvertoningen: de verscherping wordt alleen op de voorvertoningen getoond en heeft geen effect op de uiteindelijke te openen of op te slaan afbeelding.

Standaard afbeeldingsinstellingen:
Hier kun je automatische aanpassingen toepassen op foto’s die worden geopend in ACR.
Auto aanpassingen overschrijven instellingen van de camera
maar ze zijn niet-destructief en de afbeeldingen kunnen alsnog worden aangepast.

*Kleurtintaanpassingen automatisch toepassen: als je in ACR de optie “Automatisch” in het venster kleurtintaanpassingen standaard op alle geopende foto’s wilt toepassen moet je deze optie aanvinken. ACR leest de instellingen van de camera en de metadata van de afbeelding en probeert zijn eigen instellingen toe te passen voor het beste resultaat. Je kunt automatische instellingen ook toepassen door per foto te klikken op de knop Automatisch in het standaard aanpassingsvenster.

Automatisch aanpassen

Het is wellicht handiger om deze optie vooralsnog niet aan te vinken en beter gecontroleerd per foto gebruik te maken van de knop Automatisch.

*Grijswaardenmix automatisch toepassen bij omzetten in grijswaarden zorgt ervoor dat zodra de optie “Grijswaarden” aangevinkt wordt in het venster HSL/grijswaarden de optie Automatisch geactiveerd wordt. Standaard zet ACR deze waarden naar een automatische balans, welke in principe een goede start is om mee te beginnen.

*Met de optie Standaardinstellingen specifiek laten gelden voor het serienummer van de camera kun je de standaard correcties koppelen aan een bepaalde camera, zodat deze automatisch toegepast worden als er vanuit deze camera afbeeldingen worden bewerkt in ACR. Deze optie is handig als je met meerdere camera’s fotografeert met oorspronkelijk verschillende instellingen.

*Met de optie Standaardinstellingen specifiek laten gelden voor ISO-instelling van de camera kun je de standaard correcties koppelen aan een bepaalde ISO-waarde, zodat deze automatisch toegepast worden als er afbeeldingen worden geopend in ACR die opgenomen werden met een bepaalde ISO-waarde.

Bij Camera Raw-cache kun je instellen hoeveel schijfruimte er toegewezen moet worden aan ACR om de tijdelijke bestanden en voorvertoningen te verwerken. Hoe hoger het getal hoe meer er kan worden opgeslagen. De ruimte die je hiervoor reserveert is niet meer beschikbaar voor andere bewerkingen op je computer. Je kunt de ruimte reserveren op ieder station (harde schijf) dat verbonden is met je computer.

Met de knop Cache Leegmaken kun je deze schijfruimte weer beschikbaar maken.

Met de knop Locatie selecteren kun je bepalen waar de cache opgeslagen wordt. Dat kan bijvoorbeeld op een andere partitie of op een andere interne harde schijf dan waarop ACR is geïnstalleerd.

Onder DNG-bestandsbeheer kun je instellen wat er moet gebeuren met afbeeldingen die worden geconverteerd naar het DNG-formaat.
Als je de optie “Secundaire “;xmp”-bestanden negeren” aanvinkt worden alle aangebrachte aanpassingen ingebed in het DNG-bestand en wordt er geen .xmp bestand gemaakt.
Als je een JPEG-voorvertoning in een DNG-bestand insluit en je de optie “Ingesloten JPEG-voorvertoningen bijwerken” aanvinkt kun je kiezen of voorvertoning een normale grootte of een volledige resolutie moet krijgen.

Onder JPEG- en TIFF-beheer kun je instellen of JPEG en/of TIFF bestanden moeten geopend met ACR of dat die optie moet worden uitgeschakeld.
Voor JPEG zijn de opties:
* ondersteuning uitschakelen: *jpeg-bestanden worden geopend met het programma dat op je computer als standaardprogramma voor *jpeg werd ingesteld. Als dat programma niet Photoshop is kun je dat via de systeeminstellingen aanpassen kijk daarvoor in de help-functie van je besturingssysteem. Ik kies er zelf voor om niet iedere *jpeg te openen met Photoshop, omdat ik geen *jpeg bewerk, maar alleen bekijk. Een afbeeldingen viewer, in mijn geval van Windows, voldoet uitstekend.
* JPEG-bestanden met instellingen automatisch openen: als je een *jpeg al bewerkt hebt in ACR, dan wordt deze de volgende keer automatisch weer geopend met ACR. Je kunt een *jpeg in ACR openen door hem aan te klikken en dan op het diafragma-icoontje in Adobe Bridge te klikken, of door rechts te klikken op de *jpeg in Adobe Bridge en dan de optie “Openen in ACR” te selecteren. Wil je de volgende keer deze *jpeg niet meer in ACR openen dan kun je het *xmp bestand verwijderen dat er bij staat in de map, of in Adobe Bridge rechtsklikken op het jpeg-bestand en dan de menuoptie “Instellingen ontwikkelen” selecteren en vervolgens de suboptie “Instellingen wissen”, of je kunt de *jpeg Opslaan als in Photoshop om de aanpassingen permanent te maken in een nieuwe kopie van het bestand.
* Alle ondersteunde JPEG-bestanden automatisch openen: alle jpeg-bestanden worden geopend in ACR. Je kunt kleuren en tinten aanpassen, maar je hebt niet het volledige bereik dat je met een Raw afbeelding zou hebben. Je kunt ook nog steeds vanuit Photoshop een *jpeg openen door naar het menu Bestand [File] > Openen [Open] te gaan, de *jpeg te selecteren en onderaan in het Open-venster het formaat op *jpeg te zetten.

Voor TIFF zijn de opties:
* TIFF-ondersteuning uitschakelen (zie bij JPEG)
*TIFF-bestanden met instellingen automatisch openen (zie JPEG)
* Alle ondersteunde TIFF-bestanden automatisch openen.

Afbeelding 90° linksom roteren (Sneltoets L):
Met deze knop kun je de afbeelding 90 graden linksom draaien.


Afbeelding 90° rechtsom roteren (Sneltoets R):
Met deze knop kun je de afbeelding 90 graden rechtsom draaien.

Volledige schermmodus in- of uitschakelen (Sneltoets F):
Met deze knop helemaal rechts bovenin de werkbalk maak je het beeld van ACR schermvullend als het in een klein venster staat of zet je het terug in een klein venster als het beeldvullend staat.

Schermmodus

Met de knop Alles Wissen onderin het Aanpassingsvenster, kun je alle aanpassingen in één keer ongedaan maken.

Alles wissen

De onderbalk:

Onderbalk

Het Zoomgereedschap waarvoor in de linkerbenedenhoek nog een 3 tal iconen staan is boven al uitgelegd.

In het midden van de onderbalk staat de naam van het afbeeldingsbestand.

In de rechterbenedenhoek kun je een weergave kiezen na bewerking.

Hiermee doorloop je de weergave voor/na (Sneltoets Q) boven of naast elkaar

Voor en na vertoning

Voor en Na-instellingen omwisselen (Sneltoets P)
Houd Shift ingedrukt en klik om de geselecteerde afbeeldingen om te wisselen (Shift + P).

Voor en na-instellingen omwisselen

Huidige instellingen kopiëren naar Voor (Alt +P)

Houd Shift ingedrukt en klik om de huidige instellingen voor alle geselecteerde afbeeldingen te kopiëren (Shift+Alt+P)

Instellingen kopieren

Schakelen tussen huidige instellingen en standaardwaarden voor alleen het zichtbare deelvenster (Ctrl+Alt+P)

Schakelen

In deel III van deze uitleg (laatste deel van deze serie) komt het Histogram, het Standaard aanpassingsvenster en de Tabbladen aanpassen afbeeldingen aan de orde.

 

Bron o.a.: https://helpx.adobe.com/nl/photoshop.html

Voor basisbegrippen Photoshop verwijzen wij naar: De basis van Photoshop

 

In deze serie verscheen eerder:

Verplaatsen binnen Photoshop
Selectiegereedschappen Uitgediept
Uitsnijdgereedschappen Uitgediept
Meetgereedschappen Uitgediept
Retoucheergereedschappen uitgediept Deel I
Retoucheergereedschappen uitgediept Deel II
Tekengereedschap uitgediept
Tekst- en tekengereedschappen uitgediept
Adobe ACR uitgediept, deel I

Recommended Posts

Leave a Comment

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Neem contact op

We zijn er even niet, maar laat je gegevens achter en we nemen zo snel mogelijk contact op.

Not readable? Change text. captcha txt
0

Start typing and press Enter to search